Influenzanet is a system to monitor the activity of influenza-like-illness (ILI) with the aid of volunteers via the internet

http://www.influenzanet.eu/

Epiwork Logo
Developing the framework for an epidemic forecast infrastructure.
http://www.epiwork.eu/

The Seventh Framework Programme (FP7) bundles all research-related EU initiatives.

7th Framework Logo
Participating countries and volunteers:

The Netherlands 12989
Belgium 4007
Portugal 1879
Italy 3515
Great Britain 5180
Sweden 0
Germany 105
Austria 28
Switzerland 35
France 5921
Spain 869
Ireland 499
InfluenzaNet is a system to monitor the activity of influenza-like-illness (ILI) with the aid of volunteers via the internet. It has been operational in The Netherlands and Belgium (since 2003), Portugal (since 2005) and Italy (since 2008), and the current objective is to implement InfluenzaNet in more European countries.

In contrast with the traditional system of sentinel networks of mainly primary care physicians coordinated by the European Influenza Surveillance Scheme (EISS), InfluenzaNet obtains its data directly from the population. This creates a fast and flexible monitoring system whose uniformity allows for direct comparison of ILI rates between countries.

Any resident of a country where InfluenzaNet is implemented can participate by completing an online application form, which contains various medical, geographic and behavioural questions. Participants are reminded weekly to report any symptoms they have experienced since their last visit. The incidence of ILI is determined on the basis of a uniform case definition.

Hide this information

Waarom vaccinatie?

Griep is voor de meeste mensen een vervelende ziekte die vanzelf over gaat. Voor mensen uit zogenaamde medische risicogroepen kan griep echter leiden tot ernstige ziekten en zelfs sterfte, bijvoorbeeld door longontsteking, ontregeling van diabetes of verergering van long- en hartaandoeningen. Gemiddeld overlijden er 200 tot 1000 mensen per seizoen aan de gevolgen van de griep, vooral mensen met een chronische ziekte en 60-plussers. Daarnaast worden er volgens het RIVM jaarlijks circa 20.000 mensen in het ziekenhuis opgenomen als gevolg van griep. Griep kan dus voor sommigen heel ernstige gevolgen hebben (zie http://www.rivm.nl/griepprik/waarom_griepprik/ ).

De Gezondheidsraad is van mening dat patiënten en cliënten van zorgorganisaties uit bepaalde medische risicogroepen een extra risico op besmetting lopen als gezondheidszorgpersoneel, dat in het dagelijkse werk in direct contact komt met de patiënten, zich niet laat vaccineren. De Gezondheidsraad verwacht dat vaccinatie van zorgpersoneel tot minder ziektelast bij deze patiënten leidt, zowel in verpleeg- en verzorgingshuizen als in ziekenhuizen  (zie  Icon http://www.gezondheidsraad.nl/sites/default/files/2007@09N.pdf (687,6 KB)
).

De Gezondheidsraad legt hieraan de navolgende, op klinische studies gebaseerde, overwegingen ten grondslag. De Gezondheidsraad verwijst naar een tweetal Britse onderzoeken naar het indirecte effect van griepvaccinatie (ziekte en sterfte van patiënten) onderzocht bij gezondheidspersoneel in verpleeg- en verzorghuizen: ‘Een toename van de vaccinatiegraad van het personeel leidde tot een afname in de sterfte van ongeveer 40 procent. De reductie van influenza-achtige ziekte bij patiënten bij deze studies was echter niet statistisch significant’. 

In een door de Gezondheidsraad aangehaalde Cochrane review uit 2006 concluderen de auteurs echter dat het bewijs voor indirecte bescherming niet geloofwaardig is, omdat de bevindingen bij influenza-achtige ziekte niet statistisch significant zijn. Wel wordt in deze review geconcludeerd dat griepvaccinatie van de ouderen die in verpleeghuizen en verzorgingshuizen wonen complicaties reduceert en dat griepvaccinatie bij gezonde volwassenen het aantal griepgevallen bij hen zelf vermindert, zodat de auteurs het begrijpelijk achten dat het zorgpersoneel dat voor deze ouderen zorgt zich tegen griep laat vaccineren. De auteurs raden aan het effect alsnog in goed opgezette studies te onderzoeken. 

De Gezondheidsraad haalt voorts een nadien verschenen Brits onderzoek aan waarin in het griepseizoen 2003 – 2004 een hogere vaccinatiegraad onder verpleeghuispersoneel leidde tot een daling bij hun patiënten in sterfte, influenza-achtige ziekte, ziekenhuisopnames in verband met influenza-achtige ziekte en huisartsbezoeken in verband met influenza-achtige ziekte. ‘Hiermee lijkt het bewijs van indirecte bescherming toch geleverd,’ aldus de Gezondheidsraad. De Gezondheidsraad is overigens wel van mening dat al met al de verschillende onderzoeken maar beperkt inzicht geven in de klinische effectiviteit van griepvaccinatie bij gezondheidspersoneel. 

Op deze basis heeft de Gezondheidsraad de Minister van Volksgezondheid in 2007 geadviseerd om gezondheidszorgpersoneel werkzaam in de cure en care sector met direct patiëntencontact uit voorzorg te vaccineren (zie http://www.gezondheidsraad.nl/nl/adviezen/griepvaccinatie-herziening-van-de-indicatiestelling ).

Minister Klink van Volksgezondheid heeft het advies van de Gezondheidsraad onderschreven (zie http://www.minvws.nl/images/pg-27815831_tcm19-149739.pdf ).

De minister heeft genoemde gezondheidswerkers evenwel niet als doelgroep in het nationaal griepprogramma opgenomen omdat hij dit in eerste instantie een verantwoordelijkheid van de werkgever acht. De minister merkt in dit verband op dat de werkgever verantwoordelijk is voor het bieden van kwalitatief verantwoorde zorg. Overigens kan ook in de Arbowet reden worden gezien om zich als werkgever op dit gebied in te spannen (op grond van artikel 10 lid 1 Arbowet dient de werkgever doeltreffende maatregelen te nemen om gevaar voor de veiligheid of gezondheid van anderen dan werknemers te voorkomen (zie http://wetten.overheid.nl/BWBR0010346/geldigheidsdatum_30-09-2009 ).




Het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMC Utrecht) doet onderzoek om een beter beeld te krijgen hoeveel mensen in uw regio klachten hebben en hoe ziekten zich verspreiden.
Doe mee!